Het was een ochtend in augustus. Een ochtend waarop het bijna moeilijk voor te stellen was dat het vandaag tropisch warm zou worden. In Park Lingezegen voelde de ochtend nog fris. Nauwelijks wind, een aangename temperatuur en bovenal: rust. Later vandaag zou de thermometer richting de 32 graden gaan, maar daar was op dit vroege uur nog weinig van te merken.
En toen hoorde ik een belletje.
Niet hard. Niet opvallend. Een kort, helder ping vanuit het riet.
Voor wie het geluid niet kent, stelt het misschien weinig voor. Voor mij is het genoeg om onmiddellijk stil te blijven staan.

Baardmannetjes.
Ik hoorde ze opnieuw. Ergens tussen de lange rietstengels bewoog een groepje, maar zien deed ik ze nog niet. Dat is typisch Baardmannetje. De soort kan vlak bij je zitten zonder zich gemakkelijk prijs te geven. Je hoort het karakteristieke contactroepje, kijkt naar de plek waar het vandaan lijkt te komen en ziet… riet.
Dus wachten, kijken, weer luisteren, zoeken.
Ping.
Iets verderop deze keer.
En uiteindelijk kwamen ze tevoorschijn.

Juist doordat het vrijwel windstil was, waagden de Baardmannetjes zich hoog in het riet. Behendig klommen ze langs de stengels omhoog. Af en toe leek een vogel bijna gewichtloos tussen twee rietstengels te hangen. Dat zijn van die momenten waarop ik mijn verrekijker nauwelijks weg kan leggen. Hoe langer je kijkt, hoe meer je ziet.
Baardman-man hangend tussen twee rietstengels
Er zaten ook jonge Baardmannetjes tussen.
Die missen nog het uitgesproken uiterlijk van de volwassen vogels. Geen blauwgrijze kop met de opvallende zwarte ‘baard’ van het volwassen mannetje, maar een veel ingetogener jeugdkleed, met donkere lengtestrepen over de rug.
Toch kun je bij jonge Baardmannetjes al ontdekken wie later man en wie vrouw wordt. Daarvoor moet je niet naar de baard kijken, maar naar de snavel. Jonge mannetjes hebben een geeloranjeachtige snavel, jonge vrouwtjes een donkerdere snavel. Al is dat soms lastig, want ook jonge vrouwtjes hebben een geeloranje tint door het grijs. Maar als je twijfelt dan is het een vrouwtje, want bij mannetjes is het echt oranje, meer zoals bij de volwassen vogels.
Een jong vrouwtje Baardman
En dan die naam: Baardmannetje.
Bij een volwassen mannetje wordt het eigenlijk een beetje dubbelop: een Baardmannetje-mannetje. Nog vreemder klinkt een Baardmannetje-vrouwtje. Geen man en ook nog eens geen baard.
Baardman-man of man Baardman (foto: Rick ter Horst)
Al kun je je sowieso afvragen of het mannetje werkelijk een baard heeft. De zwarte veren zitten aan weerszijden van de kop en lijken eerder op een enorme afhangende snor. Mijn vrouw heeft daarom een veel betere naam. Zij noemt Baardmannetjes steevast de Hulk Hogan-vogeltjes.
En eerlijk gezegd: als je eenmaal die enorme snor van Hulk Hogan voor je ziet, krijg je dat beeld nooit meer uit je hoofd. Maar het vrouwtje is dus zijn baardloze wederhelft.
Maar deze ochtend gebeurde er nog iets. (lees verder onder de afbeelding)
Een jong vrouwtje Baardman
Het is droog en het water in Park Lingezegen staat laag. Tussen het riet zijn daardoor plekken ontstaan waar de Baardmannetjes gemakkelijk bij het resterende water kunnen komen. Regelmatig zag ik ze afdalen. Weg uit de veilige hoogte van het riet, naar beneden om te drinken.
Misschien maakte juist dat het tafereel voor mij zo mooi.
Bovenin het riet was alles licht en luchtig. Baardmannetjes die langs de halmen klauterden, hun zachte contactroepjes die door het vrijwel windstille rietland klonken. Beneden lag het zichtbare gevolg van een droge, warme periode: laag water. En ondertussen kondigde de frisse ochtend een dag aan waarop het opnieuw tropisch warm zou worden.
De vogels deden gewoon wat nodig was.
Drinken, eten en contact houden. En daarna weer omhoog, het riet in.
Toen ik verder liep, hoorde ik achter me opnieuw dat kleine belletje.
Ping.
Soms hoef je maar één geluidje te horen en je dag kan niet meer stuk!
Zelf Baardmannetjes zien?
Baardmannetjes zijn sterk gebonden aan uitgestrekte rietgebieden. Op verschillende plekken waar ik excursies geef, kun je ze tegenkomen.
Gebieden waar je Baardmannetjes kunt tegenkomen:
Park Lingezegen (grote kans)
Oostvaardersplassen (grote kans)
Polder Arkemheen (kleine kans, vooral in de winter)
Wil je zelf een keer mee naar buiten en samen op zoek naar vogels?





